De stad die niet buigt
BIJ1 wil een stad zonder fascisme en zonder angst. Een stad waar Amsterdammers zich niet laten verdelen door macht, retoriek of beleid dat groepen tegenover elkaar zet. Echte democratie begint met luisteren. Ruimte maken voor elkaar. Elkaar serieus nemen. Tussen bewoners onderling, en tussen bewoners en de gemeente. We staan open voor verschil, voor spanning, voor perspectieven die botsen. Want het moet schuren. Democratie is geen glad praatje, maar een proces waarin iedereen die geraakt wordt ook daadwerkelijk invloed heeft.
In Amsterdam wordt participatie vaak nog gezien als bewoners betrekken bij plannen die de politiek al voor hen bedacht heeft. BIJ1 draait dat om. Lokale politiek moet participeren in wat bewoners zelf organiseren, bedenken en eisen. Vertrouwen komt niet terug door nóg meer inspraakavonden, maar door te stoppen met denken voor mensen. Amsterdammers weten zelf heel goed wat ze nodig hebben.
Toch vertrouwen veel bewoners de politiek niet, en dat is niet hun tekort. Het is een gevolg van structurele achterstelling, van ongelijke behandeling en van het voortdurend negeren van hun stem. Vooral mensen met een migratieachtergrond, mensen in armoede, praktisch opgeleiden en chronisch zieke mensen zijn ondervertegenwoordigd en niet gehoord. Demonstraties en participatietrajecten lossen deze ongelijkheid niet op zolang de machtsstructuren zelf blijven bestaan. Werkelijke democratie vraagt om herverdeling van rijkdom, gelijke kansen in het onderwijs, actieve bestrijding van discriminatie en het stoppen van het verdringen van bewoners naar de randen van de stad.
Amsterdam is sterk omdat zij divers is. Nieuwsgierigheid naar elkaar houdt ons samen. Kunst en cultuur spelen hierin een onmisbare rol, net als de organisaties die onze geschiedenis bewaren en bevrijden, zoals The Black Archives. Daar leren we wat democratie betekent als het niet wordt beperkt door ongelijkheid.
BIJ1 bouwt aan een veerkrachtige stad door radicale democratisering, het versterken van zelforganisatie en het dekoloniseren van de gemeentelijke organisatie. Zo krijgen bewoners de macht die hen toekomt.
Zelforganisatie
- Zuidoost geeft het goede voorbeeld door de zorg voor elkaar en zelforganisatie. In Zuidoost zijn ook de meeste erkende buurtplatformen. Dit zijn groepen van actieve bewoners. Andere stadsdelen volgen het voorbeeld van Zuidoost door actief bewoners over erkende buurtplatform te informeren. De keuze hoe bewoners zich organiseren en of ze kiezen voor erkenning ligt altijd bij de bewoners zelf.
- De stadsdelen verwijzen bewoners naar de coalitie van buurtplatformen en de community builders van Woon! voor advies over het wel of niet laten erkennen van een buurtplatform.
- Buurtplatformen maar ook andere bewonerscollectieven worden betrokken als belangrijke gesprekspartners. Zij worden proactief gevraagd om hun advies, betrokken bij besluitvorming en waar nodig worden zij ingehuurd door de gemeente als buurtexperts.
- Stadsdelen zorgen voor B1 taal niveau als ze bewoners informeren over buurtbudgetten. Buurtbudgetten worden gemakkelijker toegankelijk gemaakt. Bewoners vertellen hoe zij makkelijk mee kunnen doen. Model C, gebaseerd op de community, zoals in Zuidoost wordt op waarde geschat en breder ingezet. Mensen kiezen vaak ook hun eigen vertegenwoordigers in de buurt.
- Het proces rondom buurtbudgetten is te ingewikkeld voor zowel de bewoners als de gemeente. De stadsdelen zorgen voor constante en concrete ondersteuning bij aanvraag en afhandeling van buurtbudget.
- De verantwoording die van bewoners wordt verwacht staat vaak niet in verhouding tot de bedragen waar het om gaat. De gemeente maakt op grond van bestaand onderzoek en de cijfers (zowel impact als euro’s) een scherpe afweging zodat controle niet gebeurt door controledrift maar op basis van een redelijke afweging .
- Van buurtbudget naar beleid: terugkerende thema’s worden overgenomen op de politieke agenda en in het beleid. En successen door buurtbudgetten worden opgemerkt en stadsbreed opgeschaald.
- De gemeente ondersteunt en faciliteert commons waar nodig en mogelijk. Commons zijn gemeenschappelijke middelen die door alle leden van een gemeenschap gebruikt kunnen en mogen worden.
Participatie
- De gemeente verbetert haar communicatie. Daar laat de gemeente te vaak steken vallen. Bewoners zijn hier boos over. Een update is ook goed; het hoeft geen besluit of plan te zijn.
- Goede communicatie over participatie vraagt van de gemeente om niet bang te zijn (voor juridische gevolgen). Het vraagt van bewoners om te begrijpen dat de gemeente veel kanten van een verhaal moet meenemen in haar beslissing.
- De gemeente onderzoekt hoe bewonerspanels breder kunnen worden ingezet. Op dit moment is een bewonerspanel betrokken bij de nieuwbouwprojecten (Amstel III). Dit initiatief wordt breed uitgerold en ingezet bij alle nieuwbouw en renovatieprojecten. Buurtplatforms als Red Amsterdam Noord worden betrokken om deze bewonerspanels op te tuigen. De nadruk ligt op Noord en Zuidoost vanwege het bouwen in die buurten.
- Kinderen en jongeren worden meegenomen in participatie. In West gebeurt dit door meer betrokkenheid van de kinderwijkraad en jongerenraad. Andere stadsdelen leren van deze ervaring in West.
- Ervaringsdeskundigheid van jongeren en jongerenwerkers moet leidend worden voor het gemeentebeleid dat ze raakt.
- Sociale organisaties en lokale initiatieven weten wat er speelt bij groepen die zich niet herkennen in de politiek en het beleid. Die kennis wordt te beperkt op waarde geschat en benut. Daar brengt de gemeente verandering in.
- Participatie is nu moeilijk te begrijpen. Om alle bewoners te betrekken is B1 taalniveau nodig. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar verschillende manieren om informatie over de gemeente en politiek zo toegankelijk mogelijk te maken voor mensen die slechtziend, doof, slechthorend en laaggelleterd zijn.
- De participatieprocessen (zoals stadsdeelpanel) zijn te ingewikkeld en te grootschalig. Alleen mensen met tijd, geld en HBO/WO opleiding kunnen meedoen. Daarom onderzoeken gemeente en stadsdelen hoe dit proces gemakkelijker en toegankelijker kan. Bijvoorbeeld door vaker per jaar iets kleins te organiseren. Maar ook door inspiratie uit buurthuizen en lokale organisaties.
Democratisering
- De gemeente gaat verder met het ontwikkelen en invoeren van democratiseringsbeleid zoals de referendumverordening, buurtbegrotingen, volksinitiatieven en burgerberaden.
- Het plan voor De Verenigde Straten van Amsterdam wordt aangenomen en in de praktijk gebracht. In Amsterdam wordt er in ieder geval één keer per jaar een volksvergadering georganiseerd.
- De gemeente zet zich volop in om kinderen en jongeren te betrekken bij de lokale politiek en democratie. De kindergemeenteraad en de jongerenburgemeester worden betrokken bij belangrijke beslissingen die kinderen en jongeren aangaan. Hierbij krijgen zij voldoende ambtelijke ondersteuning zodat zij goed in staat zijn om op te komen voor de belangen van kinderen en jongeren.
- Jongeren kunnen vanaf hun zestiende volwaardig meedoen aan de lokale democratie. Op scholen wordt er uitgebreid aandacht besteed aan de manieren waarop jongeren kunnen deelnemen. Door jongeren te laten organiseren op het gebied van democratie volgt ook hun netwerk.
- Er wordt toegewerkt naar een bestuurlijk systeem waarin stadsdelen zoveel mogelijk beslissingen mogen nemen.
- Als politieke partijen goed vertegenwoordigd zijn in het stadsdeel, kan een bestuurder van die partij worden aangewezen in het stadsdeel. Ook als die politieke partij niet in de coalitie zit. Dit wordt in de regels vastgelegd.
- De gemeente stopt met het inhuren van consultancybureaus tenzij het echt niet anders mogelijk is, en neemt ambtenaren aan om de functies te vervullen die een consultancybureau minstens een keer per jaar normaliter zou vervullen, desnoods in samenwerking met andere gemeenten bij lage werklast.
Dekolonisatie van de gemeentelijke organisatie
- De gemeente onderzoekt wat er mis gaat in de masterplannen Zuidoost, Nieuw-West en Noord waardoor bottom-up organisatie moeilijk wordt gemaakt. Hiervoor is belangrijk dat de gemeente eerst erkent dat ze vast zit in normdenken. Dit zorgt voor onderwaardering van mensen met een migratieachtergrond en een praktisch beroep. Ook erkent ze de kracht van de lobby van kapitaal in de vorm van industrie, projectontwikkelaars en grondeigenaars.
- In bestuursfuncties en in de ambtenarij wordt plaatsgemaakt voor mensen met een beperking, mensen in armoede, trans mensen en mensen van kleur. Met name mensen van de Afro-gemeenschap zijn zwaar ondervertegenwoordigd binnen de gemeentelijke organisatie. Het huidige beleid heeft onvoldoende geleid tot de nodige verandering in de organisatie. De gemeente evalueert het proces en verbetert tot zichtbaar resultaat in 2030.
- Er ligt in de samenleving en dus ook in de gemeentelijke organisatie een te grote nadruk op (middel)management. Daar moeten we van af. Mensen, dus ook de werknemers van de gemeente, heel goed in staat zijn verantwoordelijkheid te nemen. Hiervoor worden cursussen en begeleiding aangeboden binnen de organisatie. Als het nodig is worden vertegenwoordigers aangewezen per afdeling. Vaak kunnen mensen vanuit hun expertise en kennis zelf meepraten. Deze omslag zal de gemeente ook beter in staat stellen beter om te gaan met zelforganisatie van bewoners en participatie.
- De gemeente zet in op training in verband met het geven en ontvangen van feedback met name voor de mensen die in en positie van macht zitten. Het melden van misstanden zoals discriminatie wordt makkelijker gemaakt door inzet van onafhankelijke en externe vertrouwenspersonen.
- Lonen worden binnen de gemeentelijke organisatie meer gelijk getrokken. Het idee dat de mensen die in de bestuurslaag of management werken meer zouden verdienen dan andere functies is zwaar achterhaald. Hoe eerlijker de organisatie, hoe eerlijker de stad.
Media en democratische informatievoorziening
Een democratie kan niet bestaan zonder vrije, kritische en toegankelijke media. Maar in Amsterdam staan lokale media onder druk. Buurtkranten verdwijnen, onafhankelijke journalisten werken precair of onbetaald, en commerciële partijen domineren de informatiestromen. Intussen pompt de gemeente miljoenen in communicatieafdelingen die vooral zenden in plaats van luisteren. BIJ1 kiest voor een radicaal ander mediabeleid: informatie moet in handen zijn van de gemeenschap, niet van overheid, commerciële platforms of internationale mediaconglomeraten.
Lokale media zijn de ruggengraat van democratie. Buurtmediamakers weten wat er speelt, kennen de wijken en geven ruimte aan stemmen die anders niet gehoord worden. Zij verdienen steun, erkenning en zeggenschap. Daarnaast heeft Amsterdam de verantwoordelijkheid om media te beschermen die strijden voor informatievrijheid, ook buiten onze stadsgrenzen. Het ondersteunen van platforms zoals Radio Dabanga laat zien dat Amsterdam pal staat voor vrijheid van journalistiek en tegen onderdrukking.
BIJ1 stelt de volgende punten voor:
- De gemeente verschuift middelen van haar eigen communicatieafdelingen naar onafhankelijke buurtmedia. Buurtjournalistiek is belangrijker voor democratie dan gemeentelijke marketing.
- Amsterdam creëert een subsidiefonds voor onafhankelijke journalisten, redacties en onderzoeksprojecten, met nadruk op makers uit gemarginaliseerde groepen. Dit fonds ondersteunt journalistiek die macht bevraagt in plaats van promotie te maken voor beleid.
- Lokale mediaorganisaties die in handen zijn van bewoners krijgen structurele financiering. Geen eenmalige subsidies maar langjarige ondersteuning die onafhankelijkheid mogelijk maakt.
- Amsterdam ondersteunt media die bijdragen aan internationale informatievrijheid, zoals Radio Dabanga. De stad toont daarmee dat solidariteit niet ophoudt bij de landsgrenzen.
- De gemeente stelt betaalbare en toegankelijke ruimtes beschikbaar voor redacties, podcaststudio’s, buurtzenders en mediacollectieven.
- Bewoners krijgen via media coöperaties de mogelijkheid om mede-eigenaar te worden van lokale kranten, websites en radiozenders. Democratische media horen in handen te zijn van de gemeenschap.
- Amsterdam ontwikkelt een mediavoucher die bewoners kunnen inzetten om buurtmedia en onafhankelijke journalistiek te steunen. Zo bepalen bewoners zelf welke informatiebronnen ze nodig hebben.
- In wijken waar publieke informatievoorziening is weggevallen, start de gemeente samen met bewoners trajecten voor nieuwe buurtmedia: buurtkranten, digitale platforms, radiostations of andere vormen van gemeenschapsgedragen communicatie.
- De gemeente stopt met het bevoordelen van commerciële mediapartners en advertenties op platforms die nepnieuws, racisme of desinformatie verspreiden. Publiek geld gaat niet naar ongelijkmakende media.
- In scholen en buurthuizen wordt mediavaardigheid toegankelijk gemaakt: leren hoe je zelf verslag doet, verhalen vertelt, macht controleert en digitale platforms begrijpt. Media zijn een recht, geen luxe.
- Bij grote stedelijke projecten wordt onafhankelijke journalistieke monitoring verplicht, zodat bewoners informatie krijgen die niet door de opdrachtgever wordt gestuurd.
- Amsterdam investeert in digitale infrastructuur voor lokale journalistiek, zoals open source platforms en veilige dataruimte waar mediacollectieven hun materiaal kunnen hosten zonder afhankelijkheid van big tech.
Ga terug naar het programma overzicht