Algemene Beschouwingen 2021, 4 november 2020
Bijdrage Fractievoorzitter Sylvana Simons

De economie van Amsterdam en het welzijn van Amsterdammers worden hard geraakt door de corona-crisis. Ondertussen werken het stadsbestuur en ambtenaren zich een slag in de rondte om de gezondheid en de bestaanszekerheid van de inwoners van onze mooie stad zoveel mogelijk te beschermen. Daarvoor wil ik mijn waardering uitspreken.

Maar er moeten ook moeilijke keuzes worden gemaakt, want er komt nu eenmaal minder geld binnen.

BIJ1 ondersteunt het pleidooi vanuit de VNG dat er structureel meer geld nodig is vanuit het Rijk voor gemeenten. Het kabinet moet bijspringen als het gaat om corona-steun, maar zeker ook als het gaat om de financiering van de jeugdzorg. Liever zien wij natuurlijk helemaal geen lastenverzwaring voor Amsterdammers, maar wij hebben ook altijd gezegd: als het Rijk niet bijspringt, dan moeten we ervoor kiezen om de sterkste schouders de zwaarste lasten te laten dragen.

BIJ1 ondersteunt het college in de keuze om juist nu te investeren. Maar ik moet hier ook mijn zorgen uiten. De versobering op de armoederegeling is wat ons betreft niet gewenst. Hetzelfde geldt voor de bezuiniging op de noodopvang voor gezinnen. En voor het verminderen van de financiering van Ateliers en Broedplaatsen. Tegelijkertijd investeert het college wel in meer handhaving en repressie. Dat de OBA enerzijds wordt gevraagd om het vestigingsbeleid te herzien, terwijl zij anderzijds groen licht krijgen voor de ontwikkeling van een peperdure high-tech bibliotheek op de Zuidas is ook niet aan Amsterdammers uit te leggen.

Het geld klotst niet meer tegen de plinten, zoals eerder nog wel eens werd gezegd door Amsterdamse politici. Dat het stadsbestuur moeilijke keuzes moet maken, dat begrijp ik. Desalniettemin ziet BIJ1 graag dat er meer wordt geïnvesteerd in de bestaanszekerheid van Amsterdammers, maar bijvoorbeeld ook in kunst en cultuur, opvang voor dak- en thuislozen en toegankelijkheid van de stad voor mensen met een beperking. Laten we er zijn voor de mensen die straks niet vanzelfsprekend weer mee kunnen doen als deze crisis voorbij is. En laten we zorgen dat deze groep niet groter is dan bij aanvang van de crisis.

Aangezien dit mijn laatste dag in deze raad is, kan ik slechts hoop uitspreken. De hoop dat onze mooie stad ook na deze crisis, en de bijbehorende bezuinigingen, een menselijke stad is. Om dezelfde reden zullen mijn opvolger Jazie Veldhuyzen en duo-raadslid vreer onze moties over deze en andere onderwerpen volgende week indienen.

Dank u voorzitter.

BIJ1-kleurenbalk